donderdag 3 januari 2008

Nog iets over IJslanders.

IJslanders zijn anders; de manier van lopen, het zelfstandige karakter, het temperament en niet te vergeten de extra gangen tölt en rentelgang.

In tölt wordt de ruiter niet opgegooid en blijft ontspannen in het zadel zitten. Toch kan een paard in tölt hoge snelheden bereiken. Een goede tölter kan een paard bijhouden dat in middeltempo galoppeert.

Rentelgang is een snelle laterale gang. In rentelgang worden snelheden van meer dan 45 km per uur bereikt. Er worden rennen over 150 en 250 meter gehouden.

Hoewel IJsIanders van oudsher als rijpaarden werden gebruikt. worden ze tegenwoordig veelzijdig ingezet:
IJslandse wedstrijdsport, buitenritten rijden, lange afstanden, aangespannen rijden, voor spelen te paard en als familiepaard.
In omgang betrouwbaar en als rijpaard voorwaarts, als regel zonder te slaan, te bokken of te steigeren.

Een IJslander heeft veel looplust, iets dat meestal pas tot uiting komt als je bent opgestegen. Het is een relatief klein paard (stokmaat 1,30m-1,45m) dat bij uitstek geschikt is voor het dragen van volwassen ruiters. Door zijn dikke wintervacht is hij in staat het hele jaar rond buiten te blijven. Krachtvoer heeft hij in verhouding tot zijn prestaties maar weinig nodig.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen